Vereniging voor Kerkrentmeesterlijk Beheer in de PKN (VKB)
Kerk C
Kerk B
Kerk ABCD
Login


Wachtwoord vergeten
Auto inloggen
Religie en toekomst
Religie en toekomst
Geschreven door Vkb   Datum: 15-4-2009
Religie en toekomst


STRATEGISCH PLAN VOOR HET RELIGIEUS ERFGOED (1):
Op 18 december 2008 werd in Middelburg tijdens de slotmanifestatie van “2008: Jaar voor het religieus Erfgoed” het Strategisch plan voor het religieus Erfgoed gepresenteerd. Dat gebeurde door prof. dr. N. Nelissen, emeritus hoogleraar Bestuurskunde van de radboud Universiteit te Nijmegen (zie vanaf pag. 6 “Kerkbeheer” van januari 2009), die een toelichting gaf op dit plan, getiteld “Geloof in de toekomst”. in dit nummer en de komende nummers van “Kerkbeheer” zijn verschillende voor de kerkrentmeesters van belang zijnde passages uit het Strategsich plan van het religieus Erfgoed opgenomen.

Waar gaat het om?

Het Strategisch plan voor het religieus Erfgoed (SprE) probeert helderheid te geven over waar het eigenlijk om gaat. is het een nieuw vraagstuk, of is het van alle tijden en van alle plaatsen? Hoe omvangrijk is het? Het SprE wil strategieën aandragen om het religieus erfgoed, nu en in de toekomst, de rol en betekenis te geven die het verdient in breder maatschappelijk opzicht. Gaat het over een nieuw type vraagstuk of kennen we dit al uit de geschiedenis? Komt het alleen in Nederland voor of speelt dit ook in andere landen. Een feit is dat het verdwijnen van o.m. kerken betreurd wordt. iedereen beseft dat niet alles behouden kan blijven. Maar de voorwerpen en objecten die voorheen in kerkelijke gebouwen waren ondergebracht, zijn door het verdwijnen van het gebouw in musea ondergebracht of verloren gegaan.

Er is niet alleen sprake van behoud en verdwijnen van gebouwen, want er hebben altijd en overal neven- en herbestemmingen van gebouwen plaatsgevonden. Dat geldt voor grote en kleine gebouwen; voor monumentale en niet-monumentale gebouwen; voor gebouwen in de stad of in dorpen op het platteland.

De verwachting is dat in Nederland in de komende tien jaar gemiddeld elke week minstens twee kerkgebouwen hun religieuze functie zullen verliezen. Een aantal daarvan zal onder de slopershamer terecht komen, andere zullen een nieuwe bestemming krijgen, al dan niet in het verlengde van de oorspronkelijke functie.

Doelstelling Jaar van het Religieus Erfgoed

Het Jaar van het religieus Erfgoed probeerde deze problematiek onder de aandacht van iedereen te brengen, maar in het bijzonder onder de aandacht van partijen die daarbij een belangrijke rol spelen, zoals kerkgenootschappen. De doelstellingen van het Jaar van het religieus Erfgoed waren dan ook:

• het onder de aandacht brengen van feiten en cijfers over de omvang, diversiteit, schoonheid en het belang van het religieus erfgoed;
het plaatsen van deze problematiek op de maatschappelijke agenda, zodat iedere burger bekend is en betrokken raakt bij de toekomst van het religieus erfgoed. Mensen moeten gevoel krijgen voor de culturele waarden die verbonden zijn met dit erfgoed en ervan doordrongen zijn dat het alleszins de moeite waard is om dit in stand te houden;
het ondersteunen en bevorderen van het besef bij religieuze instellingen en bij eigenaren van religieuze gebouwen dat er voor hen een taak ligt voor de instandhouding van het religieus erfgoed, ofwel het plaatsen van het onderwerp op de institutionele agenda;
• er voor te zorgen dat het religieus erfgoed een plaats krijgt op de politiek-bestuurlijke agenda, namelijk dat politieke en bestuurlijke instanties de relevantie en importantie van deze thematiek onderkennen en bereid zijn om zich voor de instandhouding ervan in te zetten.

Strategisch Plan

Het Strategisch plan voor het religieus Erfgoed wil politieke en bestuurlijke instanties een goed beeld geven van de aard en de omvang van het vraagstuk, van de kansen en mogelijkheden op dit gebied, van de strategische opties om het religieus erfgoed een vitale toekomst te geven. De titel van het Strategisch plan luidt: ”Geloof in de toekomst!”. Deze geeft aan dat er voor het religieus erfgoed een echte toekomst is weggelegd, maar dat men daarin wel moet geloven. Dit SprE gelooft in de toekomst van het religieus erfgoed. De verzamelde feiten en inzichten vormen een solide basis voor een toekomst waarin het religieus erfgoed vitaal blijft voortbestaan, hetzij met een voortgezet gebruik, dan wel met een nieuwe (passende) functie en een (respectvolle) gedaantewisseling.

Religie en samenleving

Om over religieus erfgoed te spreken, is het noodzakelijk te weten wat religie is, welke functies die vervult, wat de rol is van de religie in de samenleving en op welke manieren religie gestalte krijgt in de maatschappij. Men moet zich realiseren dat religie, in de betekenis van zingeving en betekenisverlening aan het menselijke bestaan, een wezenlijk aspect van elke cultuur is. Dat is in de geschiedenis altijd zo geweest, dat is nu het geval en dat zal ook in de toekomst zo blijven. religie is, met andere woorden, van alle tijden en van alle plaatsen. De structuur en het functioneren van een samenleving wordt nog altijd sterk beïnvloed door religie. Desondanks treden er veranderingen op in de rol die religie in de samenleving speelt.oog voor hebben dat religie in de toekomst mogelijk weer een meer prominente rol in de maatschappij zou kunnen spelen. Terwijl het Christendom al lange tijd in Nederland de meest invloedrijke religieuze stroming is, kan worden vastgesteld dat als gevolg van migratiestromen de islam steeds meer aan betekenis wint.

Religie, kerk en staat

religies krijgen in de maatschappij concreet gestalte in instituten, zoals bij voorbeeld de kerk. Daarbij moet worden aangetekend dat de kerk op allerlei manieren vorm en inhoud heeft gekregen en dus tot allerlei typen instituten heeft geleid. in de Middeleeuwen waren de kerkelijke en wereldlijke macht vaak in één persoon verenigd. Er was geen onderscheid tussen Kerk en Staat. Door de nationale staatsvorming van de afgelopen eeuwen is de vraag gerezen hoe in een moderne samenleving Staat en Kerk met elkaar moeten omgaan. in veel westerse landen is gekozen voor een scheiding tussen kerk en staat. Dan zijn kerkelijke en staatkundige macht niet in dezelfde handen en oefenen zij op elkaar geen beslissende invloed uit. Dat betekent dat staat en kerk ieder hun eigen zaken regelen en zich niet met elkaar bemoeien of elkaar regels voorschrijven. in ons land is in artikel 6 van de grondwet de scheiding tussen Kerk en Staat geregeld. in Frankrijk bestaat een strikte grondwettelijke scheiding tussen Kerk en Staat, maar toch betaalt de overheid het onderhoud van kerken. in België kent men ook een scheiding tussen Staat en Kerk, maar de overheid betaalt desondanks het onderhoud en de oprichting van bidhuizen. in Duitsland is sprake van een coöperatie tussen Kerk en Staat. Men kent er het stelsel van de ‘Kirchensteuer”, hetgeen o.m. betekent dat alle binnenlandse belastingplichtige natuurlijke personen die lid zijn van een officiële geloofsgroep automatisch onderworpen zijn aan kerkbelasting. In Nederland bestaat een constitutionele scheiding tussen Staat en Kerk, maar bij de uitbouw van de verzorgingsstaat zijn de domeinen van godsdienst en overheid toch meer met elkaar verbonden geraakt. Zo heeft de rijksoverheid jarenlang bijgedragen aan de bouw van kerken via de Wet Premie Kerkenbouw (1962-1982) en ook via regelingen voor de bouw van gebedsruimten voor moslims en hindoes.

Religie en toekomst

is het mogelijk om een beeld te vormen hoe onze maatschappij er over enkele jaren uit zal zien? Kunnen we ons een voorstelling maken welke rol religie in de toekomst zal spelen? Hebben we een idee van wat er met het religieus erfgoed in de toekomst zal gebeuren? Daarover is geen zekerheid. integendeel, het is gissen. Een scenario van een sterk geseculariseerde maatschappij dringt zich in eerste instantie op omdat er veel ontwikkelingen in die richting tenderen. Maar een tegenovergesteld scenario van een toenemend religieus besef is ook denkbaar. Waarschijnlijk geen godsdienstbeleving die door één enkele geloofsovertuiging wordt gedomineerd en waarschijnlijk ook niet met rituele uitingen die dezelfde zijn als die we nu kennen. Het godsdienstig palet zal meer geschakeerd zijn dan het huidige. Niet bekend is welke ruimten daarvoor nodig zijn. Maar we weten wel dat wat er aan religieus erfgoed is, ook in de toekomst een belangrijke functie kan vervullen.

Het gebouwd en roerend religieus erfgoed is deel van onze fysieke en sociale omgeving. Het is vrijwel ondenkbaar dat kathedralen, kerken, synagogen, moskeeën en tempels er in de toekomst niet meer zullen zijn. Het is ook bijna ondenkbaar dat ze er enkel als bouwkundig overblijfsel uit een vroeger tijd zijn en geen kerkelijke of maatschappelijke functie meer zouden vervullen. Kortom: de toekomst op dit gebied is niet te voorspellen, maar het is onvoorstelbaar dat het gebouwd en roerend religieus erfgoed daarin geen prominente plaats zal hebben.

(Wordt vervolgd).
Ik wil starten met VKB Academy.
Stichting Kerkelijk Geldbeheer
U heeft geen Flash player geinstalleerd. Klik hier om deze te downloaden.
Van den Heuvel orgelbouw
Van Ree accountants
Kantoor der Kerkelijke Goederen
© Copyright 2012 VKB - Webdesign: Wendrich Reclame - Realisatie: BLiS & Quercis