Vereniging voor Kerkrentmeesterlijk Beheer in de PKN (VKB)
Kerk C
Kerk B
Kerk ABCD
Login


Wachtwoord vergeten
Auto inloggen
Ontwikkelingen BRIM: voor de k...
Ontwikkelingen BRIM: voor de komende 3 budgetjaren € 40 miljoen extra
Geschreven door R.M. Belder   Datum: 23-4-2009


Systematiek van het BRIM
“Het BRIM (Besluit Rijkssubsidiering Instandhouding Monumenten) is sinds 1 februari 2006 van kracht. De systematiek van het BRIM werkt met zesjarenplannen die zijn gekoppeld aan zes maal het budget op de rijksbegroting. Eén BRIM-tranche van zes jaar heeft de mogelijkheid over in totaal 6 x € 40 miljoen, is totaal € 240 miljoen te beschikken. Gelet op de beperkte subsidiemiddelen, is gekozen voor een gefaseerde inwerkingtreding van het BRIM op basis van groepen monumenten. In de afgelopen drie jaar hebben eigenaren van monumenten in de onderstaande categorieën een BRIM-aanvraag kunnen doen:
- in 2006 molens, kastelen, landhuizen e.d. en horeca instellingen voor de periode 2007-2012;
- in 2007 agrarische gebouwen (delen van) gebouwen en woonhuizen en weg- en waterwerken voor de periode 2008-2013;
- in 2008 openbare gebouwen, verdedigingswerken. liefdadige instellingen en losse objecten voor de periode 2009-2014.
Van 2009 tot en met 2011 stromen kerkelijke gebouwen en kerkonderdelen/-objecten gefaseerd de regeling in. Bij het opstellen van het BRIM waren geen voorbeelden in Europa bekend. Het systeem was innovatief te bestempelen. Met alle onzekerheden is een rekenmodel dat zoveel mogelijk monumenten zo goed mogelijk probeert te bedienen. Wegens het uitgangspunt van budgetneutraliteit zijn er plafonds en maximaal subsidiabele kosten ingesteld.
Jaren 2006-2008
Inmiddels heeft de RACM de financiële kant van het proces van aanvragen en beschikkingen over de afgelopen drie jaar (2006-2008) afgerond. Daaruit blijkt dat van de beschikbare middelen (3 x € 40 miljoen) in totaal minder is aangevraagd dan bij het opstellen van het BRIM was geraamd. Voor sommige categorieën monumenten zijn nauwelijks aanvragen ingediend, terwijl daar in de (positieve) berekeningen van het BRIM vanuit werd gegaan. Dat betekent dat er over de periode 2006-2008 voor ongeveer € 40 miljoen minder is beschikt dan theoretisch mogelijk was.

De komende drie budgetjaren is dus ruimte om voor € 40 miljoen extra te beschikken. Op grond van deze feiten en gegevens heb ik de regeling zodanig aangepast dat de maximale subsidiabele kosten voor de categorie kerken per 1 april zijn verhoogd tot € 1 miljoen.
Jaren 2009-2011
In de jaren 2009-2011 zullen kerkelijke gebouwen gefaseerd het BRIM instromen. Vanuit kerkelijke organisaties wordt al geruime tijd aangedrongen op verhoging van de budgetten voor hun monumenten. Ook de Stichting Jaar voor het Religieus Erfgoed heeft in haar Strategisch Plan Religieus erfgoed (SPRE) becijferd dat de huidige BRIM-budgetten en plafonds een zorgvuldige instandhouding onmogelijk zouden maken. Er wordt door deze organisaties becijferd dat er € 30 á € 50 miljoen per jaar aan het BRIM-budget toegevoegd zou moeten worden, om aan de instandhoudingsbehoefte ten kunnen voldoen.
Overgang oude regelingen (BROM en BRRM 1997) naar nieuwe regeling (BRIM).
Op 9 maart 2009 heb ik overleg gevoerd met enkele vertegenwoordigers van de Rooms-Katholieke Kerk en de Protestantse Kerk in Nederland. De organisaties hebben gewezen op de nadelige effecten van de overgang van de ouder regelingen voor onderhoud (BROM) en restauratie (BRRM) naar de geïntegreerde BRIM-regeling. Intussen heb ik met de kerkelijke organisaties de cijfers bestudeerd en kan gesteld worden dat het direct aanwijsbare nadelige effect zich beperkt tot een 400-tal middelgrote en grote kerken. Alle kerken dien onder het maximum aan subsidiabele kosten blijven, zijn immers beer af door het BRIM een subsidiepercentage kent van 65 pct. tegen 50 pct. in het BROM. In absolute zin zou het nadelig effect dat door de huidige maximale subsidiabele kosten ontstaat ten opzichte van de situatie onder het BROM inde orde van grootte van € 6 miljoen bedragen.
Niet-kerkelijke monumenten
De andere categorieën die de afgelopen drie jaar ingestroomd zijn, hebben te maken gehad met de plafonds. Zij hebben er daardoor mede voor gezorgd dat er nu meer budgettaire ruimte is. Ook in die categorieën zijn veel knelpunten geconstateerd en bestaat behoefte aan hogere budgetten en in veel gevallen aan restauratiebudgetten. Ik wil daarom, als minister verantwoordelijk voor alle rijksmonumenten, de beschikbare ruimte niet alleen besteden aan kerken, maar ook aan die categorieën, die immers mede ruimte hebben gemaakt voor extra budget.
Verdeling € 40 miljoen
Zoals gezegd, is het direct te berekenen nadeel voor de kerken van BROM naar BRIM een bedrag in de orde van grootte van € 6 miljoen. Ik zal daarom het BRIM budget in de komende drie jaar verhogen met in totaal € 21 miljoen zodat het totale jaarbudget BRIM van € 40 miljoen per jaar naar € 47 miljoen per jaar stijgt. De maximale subsidiabele kosten voor kerkgebouwen verhoog ik van € 100.000 naar € 1.000.000 per zesjarig instandhoudingsplan. Ik realiseer me dat de kans dat aanvragen moeten worden afgewezen omdat het jaarbudget verplicht is, zal toenemen. Gelet op de lage participatiegraad in de huidige regeling, lijkt het risico beperkt van omvang te zijn. Nog belangrijker vind ik het om zoveel mogelijk monumentale kerken op een goede wijze in stand te houden, dan onvolledige plannen te subsidiëren die op termijn weer leiden tot achteruitgang van de kwaliteit van de gebouwen.

De overige € 19 miljoen besteed ik aan restauraties in de komende drie jaar. Hierbij heb ik de steun van de provincies gezocht om te kijken hoe we gezamenlijk een programma kunnen starten om (startklare) restauratieprojecten gesubsidieerd te krijgen. De provincies hebben aangegeven restauraties van rijksmonumenten mede te willen financieren, zodat een substantiële bouwstroom kan starten. Dit schept mogelijkheden om in te springen op gebiedsgerichte ontwikkelingen. Ik zal u vóór 1 juli 2009 over onze gezamenlijke aanpak informeren.
Tot slot
Om zo scherp mogelijk te kunnen beoordelen of de aannames in het BRIM voor de komende drie jaar kloppen, zal de RACM mij niet langer jaarlijks, maar elk kwartaal inzicht geven in de aanvragen en beschikkingen over die periode. Indien er sprake is van nieuwe feiten, dan zal ik uw Kamer informeren”, aldus minister Plasterk in zijn brief van 3 april 2009 aan de voorzitter van de Tweede Kamer.
Ik wil starten met VKB Academy.
Stichting Kerkelijk Geldbeheer
Van den Heuvel orgelbouw
U heeft geen Flash player geinstalleerd. Klik hier om deze te downloaden.
Kantoor der Kerkelijke Goederen
Van Ree accountants
© Copyright 2012 VKB - Webdesign: Wendrich Reclame - Realisatie: BLiS & Quercis