Taakgroep Classicaal Beleid ontmoet classes
Geschreven door R.M. Belder Datum: 15-3-2008
Veel kleine en financieel zwakke gemeenten hebben moeite om hun predikant te betalen. Prognoses voorspellen dat het aantal gemeenteleden en predikanten de komende jaren verder zal dalen. De Brede Studiecommissie predikantsbezetting, die in 2004 door de synode was benoemd, bracht in de afgelopen jaren enkele rapporten uit, waaronder in april 2007 het rapport “Werk in de wijngaard”.
Creatief en visionair bezig zijn!
In dit laatste rapport is er meer overeenstemming over de
positie van de kerkelijk werker ten opzichte van de
predikant. Hierin wordt voorts gewezen op de noodzaak
tot meer samenwerking in classicaal verband. De onlangs
benoemde stuurgroep “Werk in de wijngaard”, waarvan
oud-landbouwminister prof. dr. C.P. Veerman voorzitter
is, gaat deze voorstellen verder uitwerken.
De stuurgroep is breed samengesteld en bestaat uit 6
vrijwilligers die de kerk en de samenleving goed kennen.
Vijf taakgroepen gaan het advies voorbereiden. De heer
D.G. Bijl, de voorzitter van de Interkerkelijke Commissie
Geldwerving, is ook lid van de stuurgroep “Werk in de
wijngaard” en gaat de taakgroep Classicaal Beleid
aansturen.
Ontmoeting met de classes
In een interview in Kerkinformatie van januari 2008 zegt
de heer Veerman: “Hoofddoel van de stuurgroep is dat
de Protestantse Kerk in Nederland wordt voorzien van
een evenwichtige professionele en financiële ondersteuning
van alle plaatselijke gemeenten”.
Verder in dit interview, waarin de specifieke opdracht
van de taakgroep Classicaal Beleid aan de orde komt,
zegt de heer Bijl: “Het gaat om de concrete hulpvraag
van de gemeenten. Hoe kunnen we als gemeenten elkaar
tot broeder en zuster zijn? Hoe zetten we de financiën
en deskundigheden binnen de kerk zo efficiënt mogelijk
in? Het rapport ‘Werk in de wijngaard’ noemt de mogelijkheid
om classicaal tot teamvorming te komen van
predikanten en kerkelijk werkers. Je kunt daarbij denken
aan specialisten die voor meerdere kleinere gemeenten
werken, al dan niet beroepen of benoemd door de
classicale vergadering. Zo’n omslag kun je alleen maken
als de classicale vergaderingen ook in staat gesteld
worden om nieuwe verantwoordelijkheden op zich te
nemen”, aldus de heer Bijl in het interview.
Om te weten wat er zich op classicaal niveau afspeelt,
heeft de taakgroep Classicaal Beleid een vijftal bijeenkomsten
belegd voor een gesprek met de moderamina
van de classicale vergaderingen, waarvoor grote belangstelling
bestaat. Al 66 classes hadden zich begin februari
2008 daarvoor opgegeven. De eerste bijeenkomst was op
9 februari 2008 in Zwolle, waar 26 classes aanwezig
waren. Deze bijeenkomst werd geopend door mevr. H.H.
de Haan-Verduyn, lid van de taakgroep, waarna een door
haar geleid morgengebed werd gehouden.
Financiële vooruitzichten
Vervolgens gaf de heer Bijl informatie over de actuele
stand van zaken. De opdracht van de taakgroep Classicaal
Beleid is een financiële analyse voor de komende 15 jaar
te maken, over de wensen die leven en de mogelijkheden
die er zijn voor samenwerking in classicaal verband. De
heer Bijl deelde uitkomsten mee van een representatieve
steekproef die door de gemeenteadviseurs Kerkbeheer
onder een aantal gemeenten in meerdere provincies is
gehouden. De uitkomst laat zien dat ongeveer 1/6 van
het aantal gemeenten een gezonde financiële basis kent
die naar verwachting nog lang zal voortduren. Ongeveer
de helft kent een redelijke financiële situatie, maar zal bij
ongewijzigd beleid problemen krijgen (te denken valt
aan grote tekorten binnen 5 á 10 jaar), terwijl 1/3 van de
gemeenten bij ongewijzigd beleid binnen 5 jaar failliet
zijn.
De meeste gemeenten wijzigen daarom het beleid. Naast
afstoting van gebouwen en betaalde medewerkers,
betekent dat ook vermindering van de predikantsformatie.
In de praktijk betekent dit een verandering naar
predikanten in deeltijd of vermindering van het deeltijdpercentage.
In gemeenten met meerder predikanten
worden soms ook wel vacatures niet vervuld. Het percentage
predikanten in deeltijd neemt duidelijk toe. Dat
heeft nadelen, o.a. dat predikanten ook minder beschikbaar
zijn voor bovenplaatselijke werkzaamheden.
Creatief denken gevraagd
De heer Bijl besloot zijn inleidende woorden door er op
te wijzen dat de talloze problemen waarmee classes te
kampen hebben, bekend zijn. “Er wordt van ons verwacht
dat wij vanuit een optimistisch denken naar
creatieve oplossingen zoeken. Iedereen wordt uitgenodigd
met ideeën te komen”. De heer Bijl verwees naar
een uitspraak van de heer Wijffels, de grondlegger van
het huidige kabinet, die zei: “Als er zich problemen
voordoen, denk ik altijd aan die natuurkundeles, met een
glazen plaat waarop ijzervijlsel lag. Dat gaf een rommelig
aanzien, maar wanneer je er een magneet onderhield,
kwam er patroon in dat iets voorstelde. Wij zijn vandaag
bijeen om met elkaar vanuit een positieve benadering te
proberen dat patroon aan te brengen waardoor onze
gemeenten, ook al worden die in omvang kleiner, zo
optimaal mogelijk kunnen functioneren”, aldus de heer
Bijl.
Hierna volgde er een gedachtewisseling in groepen,
waarbij de volgende vragen aan de orde kwamen:
1. Wat gaat er goed binnen uw classis?
2. Welke knelpunten signaleert u?
3. Wat kan een oplossing zijn?
4. Is er op een of andere manier overleg met de lutherse
gemeenten binnen uw classis?
5. Er zijn momenteel zo’n 75 classes. Er is een beginnende
discussie over het aantal classes. Zou een
vermindering van het aantal classes een mogelijke
oplossing zijn om betere antwoorden te vinden op
actuele vragen?
6. Zou uw classis een rol kunnen spelen bij de teamvorming
van predikanten en kerkelijk werkers? Idem bij
clustervorming van gemeenten?
Na een boeiende gedachtewisseling volgde er een
plenaire discussie die door de heer Bijl geleid werd op
basis van de formule “Rondom Tien”. De volgende
suggesties en opmerkingen werden daarbij gemaakt:
Zelfstandigheid gemeente belangrijk
— Gemeenten die binnen één classis vallen en met
dezelfde soort problemen worden geconfronteerd,
meer samen laten werken. Denkbaar is om kleine
gemeenten, die structureel met vacatures in hun
kerkenraad te kampen hebben, vrij te stellen van
participatie in de classicale vergadering.
— De zelfstandigheid van plaatselijke gemeenten
(Friesland) is een groot goed, want de gemeente, hoe
groot die ook is, staat centraal. Wanneer gedacht
wordt aan grotere structuren, dan is het gewenst
hiermee rekening te houden. Overigens vindt men
het niet verkeerd wanneer vanuit de kerk adviezen
worden gegeven, maar men moet de gemeenten niet
dwingend iets opleggen.
— Maak helder wat precies door de classes gedaan moet
worden. Kerkelijke gemeenten hebben behoefte aan
een samenbindende factor. Dat moet gecontinueerd
worden. Denkbaar is iemand vanuit de classis aan te
stellen die bevoegd is handelend op te treden.
— In een classis met veel kleine gemeenten een predikant
benoemen die aan de classis verbonden is, maar
voor diverse kleine gemeenten werkzaamheden
verricht (de ambulante predikant). Hiermee zijn
goede ervaringen opgedaan.
— Een aantal classes is niet op de hoogte van de financiële
problemen waarmee verschillende gemeenten te
maken hebben. Kan het Regionaal College voor de
Behandeling van Beheerszaken hierbij een adviserende
rol spelen?
— Bestuurders zijn over het algemeen genomen zeer
gemotiveerd. Het zijn niet altijd financiële problemen
waar men tegen aan loopt. Met name de vergrijzing,
het bestuurlijk draagvlak in gemeenten en classes
spelen een grote rol.
Positie predikant
— De positie van de predikant is heel bijzonder. Voorgesteld
wordt erover na te denken deze sterk te wijzigen
in de geest zoals dat een paar jaar geleden met
de positie van de medisch specialisten is gedaan.
— Een predikant vindt dat hier een taak ligt voor de
beroepsgroep. Hij bepleit invoering van de figuur van
de Ring, zoals die in de Nederlandse Hervormde Kerk
gold. Daar was structureel contact tussen predikanten
uit die ring.
— Een andere predikant merkt op dat de predikant
helemaal niet gewend is om samen te werken,
hetgeen soms rampzalig voor de kerk kan zijn.
Waarom worden er met de predikant geen functioneringsgesprekken
gevoerd? Wanneer de predikant in
geval van problemen tussen hem en de gemeente, per
slot van rekening van de gemeente wordt losgemaakt,
kost het de plaatselijke gemeente bergen
geld.
— De huidige positie van de predikant leidt er toe dat
hij vaak individueel en solistisch optreedt (één pitter).
Predikanten zijn niet even sterk en goed op alle
terreinen. In teamverband zou een profilering
moeten plaatsvinden om de sterke kanten van de
predikant beter te ontwikkelen.
Nieuw “wij-gevoel” creëren
— De classis staat het dichtst bij de gemeenten. Daarom
is schaalvergroting, naar de mening van sommigen,
geen goede oplossing.
— In het kader van de evaluatie van de kerkorde moeten
we vooruit kijken. Oplossingen uit het verleden,
werken niet meer voor de toekomst. De werkwijze
behoort achtereenvolgens te zijn: de problematiek
signaleren/bestuderen, een oplossing daarvoor
zoeken en tenslotte de regelgeving daarop baseren.
— De regio moet juist versterkt worden. Wellicht
ontstaan daardoor grotere classicale verbanden,
waarbij het nu nog wat vrijblijvend functioneren van
de Werkgemeenschappen van predikanten (te
vergelijken met de vroegere situatie van de Ring)
wordt geformaliseerd.
— Een nieuw “wij-gevoel” creëren. Hoe doorbreek je
het dorpisme in vaak kleine kerkelijke gemeenten?
Wie zijn “wij”? Soms kan dit dorpisme, dat een
cultuur kent die kerkmensen eigen is, doorbroken
worden door een nieuw “wij-gevoel”.
Nadat de heer Bijl de aanwezigen had bedankt voor hun
aanwezigheid en inbreng om op deze stralende zaterdagmorgen
met de kerk van de toekomst bezig te zijn,
werd de ontmoeting tussen vertegenwoordigers van de
moderamina van de classes en de taakgroep Classicaal
Beleid gesloten.
Inspirerend
Het was een bijeenkomst van niveau die in een goede
sfeer plaatsvond. Inspirerend voor de besturen van de
classes en uiterst waardevol voor de taakgroep Classicaal
Beleid, die de komende maanden vorm en inhoud zal
moeten geven aan een advies dat naar nieuwe wegen zal
leiden. Dat kerkrentmeesters binnen het kader van hun
financiële bevoegdheden in dit denkproces een belangrijke
plaats innemen, zal duidelijk zijn.
Daarom worden zij, voorzover zij dat niet via de classicale
bijeenkomsten kunnen doen, nu in de gelegeheid gesteld
suggesties en andere waardevolle adviezen te melden bij
de voorzitter van de taakgroep Classicaal Beleid (de heer
D.G. Bijl),
tel. 0182-50 32 69.
De laatste bijeenkomst zal worden gehouden op zaterdag
5 april 2008 in Bergen op Zoom. Nadere informatie
hierover: tel. 0182 – 50 32 69.