Vereniging voor Kerkrentmeesterlijk Beheer in de PKN (VKB)
Kerk C
Kerk B
Kerk ABCD
Login


Wachtwoord vergeten
Auto inloggen
Richtlijnen begroting 2007 voo...
Richtlijnen begroting 2007 voor plaatselijke gemeenten
Geschreven door R.M. Belder   Datum: 15-9-2006


ALGEMEEN
Geadviseerd wordt om, gelet op het beleid zoals dat door de overheid gevoerd wordt, met een loonkostenstijging van 1,5 pct. rekening te houden, terwijl op basis van het prijsindexcijfer van juni 2006 met een prijsstijging van circa 1,4 pct. rekening is te houden. Van het Bureau Predikanten ontvangt men te zijner tijd een opgave van de werkelijke bedragen die voor 2007 gaan gelden.

Kosten voor eventueel nieuw beleid zijn wellicht door de gemeente zelf redelijk goed te begroten. Uit het beleidsplan zou dit zichtbaar moeten worden.

Van groot belang is dat de colleges van kerkrentmeesters en de kerkenraden de gemeenteleden motiveren de financiële bijdragen voor het plaatselijk kerkenwerk niet de sluitpost van de gezinsbegroting te laten zijn, want ook de kerkelijke huishouding heeft te maken met een algemene kostenstijging, hoe gering die soms ook is.

Een juiste benadering van de gemeenteleden door op verantwoorde wijze de plaatselijke geldwervingsactie te voeren, is van groot belang. Verwezen wordt in dit verband naar de informatie die in “Kerkbeheer” van juni 2006 (pagina 186 t/m 190) is opgenomen over het voeren van een nieuwe communicatiestrategie.

Tenslotte is met betrekking tot de begroting zeer aan te bevelen, veel openheid te betrachten naar de gemeenteleden en er op duidelijke en overzichtelijke wijze in het kerkblad over te publiceren. De gemeenteleden dienen goed geïnformeerd te worden voor welke zware opgave de beheerders staan om de gemeentelijke financiën op peil te houden.

Bij het opstellen van de begroting wordt geadviseerd met het volgende rekening te houden.
LASTEN

Kerkelijke gebouwen en overige gebouwde eigendommen
Met betrekking tot de kosten van het onderhoud moet rekening worden gehouden met een prijsstijging in 2007 van circa 1,4 pct. Voorts wordt geadviseerd, na te gaan of de reservering voor het periodiek onderhoud nog wel voldoende is. Bij een goede toepassing van dit systeem is het mogelijk een gelijkmatige verdeling van de kosten over verschillende jaren te bereiken.
Onderhoud en afschrijving
Het is raadzaam een goed onderhoudsplan te (laten) opstellen. Van belang is dit te doen voor de betreffende gebouwen afzonderlijk, met daaraan verbonden een kostenbegroting volgens het op dat moment geldende prijspeil. Dit onderhoud omvat bijvoorbeeld: — jaarlijks klein onderhoud, kleine reparaties en controles, ook van het orgel (stemabonnement), kosten van inspectie e.d.;
— periodiek onderhoud, zoals schilderwerk van exterieur (om de 5 jaar) en interieur (om de 10 jaar);
— periodiek groot onderhoud, bijvoorbeeld vervanging van de centrale verwarmingsketel, grote reparaties aan dak of vloeren, vervanging van raamkozijnen (om de 15 jaar).

Rekening houdend met enkele aspecten van het onderhoudsplan, zoals hiervoor aangegeven, kan van de volgende afschrijvingspercentages worden uitgegaan:
— gebouwen ongeveer 1 à 2 pct. van de nieuwwaarde of bouwkosten;
— inventarissen en apparaten circa 15 à 20 pct. van de aanschaffingswaarde;
— computers e.d. ongeveer 25 à 33 1/3 pct. van de aanschaffingswaarde;
— centrale verwarming 10 à 15 pct. van de aanschaffingswaarde, tenzij deze opgenomen is in de kosten van het gebouw;
— orgels indien afzonderlijk gewaardeerd, circa 5 à 10 pct. van de aanschaffingswaarde na aftrek van eventuele subsidie.

Minimaal dient een bedrag te worden afgeschreven ter grootte van de jaarlijkse aflossing op de voor het object eventueel afgesloten lening.
Rijkssubsidieregelingen bij onderhoud en restauratie
Verder is het van belang, (eventuele) restauratieplannen voor monumentale kerkgebouwen tijdig bij de burgerlijke gemeente in te dienen, om zodoende op de prioriteitenlijst van de burgerlijke gemeente een plaats te krijgen. Voor deze restauraties geldt de BRRM (Besluit Rijkssubsidiëring Restauratie Monumenten) die voor kerkelijke monumenten voorziet in een restauratiesubsidie van maximaal 70 pct. van de subsidiabele kosten.

In de z.g. BROM-regeling (Besluit Rijkssubsidieregeling Onderhoud Monumenten) is een bijzondere subsidie gecreëerd voor onderhoud aan kerkgebouwen. Indien een onderhoudsplan de goedkeuring van de minister krijgt, kan een subsidie verleend worden van 50 pct. van de subsidiabele kosten van de onderhoudswerkzaamheden die gedurende 10 jaar verricht zullen worden. De subsidieaanvraag, in te dienen bij de Rijksdienst voor de Monumentenzorg (RDMZ), moet worden gedaan vóór 1 april van het jaar dat volgt op het jaar waarin de onderhoudswerkzaamheden zijn uitgevoerd.

Naast deze regeling voor 10 jaar geldt nog een onderhoudssubsidieregeling voor 1 jaar. Deze voorziet in een subsidie in onderhoudswerkzaamheden van 50 pct. tot een maximum subsidiebedrag van € 5.672,—, aan te vragen achteraf vóór 1 april van het daaropvolgende jaar.

Met ingang 1 februari 2006 is een nieuwe regeling in werking getreden, namelijk het Besluit Rijkssubsidifiring Instandhouding Monumenten (BRIM). Door geleidelijke afbouw van de huidige onderhouds- en restauratieregelingen, zullen de monumenten geleidelijk het BRIM kunnen instromen. Voor de kerkelijke gebouwen en kerkelijke objecten gebeurt dit vanaf 2009 t/m 2011.

Tenslotte verdient het aanbeveling, te bezien of de verzekerde bedragen nog op peil zijn. In dit verband wordt gewezen op de indexpolissen die voor de verzekering van kerkelijke eigendommen toegepast worden.
Energieaankoop
Hoewel het op dit moment in het geheel niet te overzien is hoe de energiekosten zich in 2007 zullen ontwikkelen, is het raadzaam met een stijging rekening te houden. Van betekenis is hierin de reductie op de Ecotax te betrekken (aanvragen richten tot Belastingdienst Noord, kantoor Emmen, team energie, postbus 30056, 7800 RC Emmen, tel. 0591 – 680345 (zie publicatie “Kerkbeheer” van april 2006, pagina 138) Verder is het van groot belang er rekening mee te houden dat reducties mogelijk zijn in verband met gezamenlijke aankoop van energie. Nadere informatie hierover is te vinden op de website www.energievoorkerken. nl .
Gezien de hoogte van de energieprijzen blijft het raadzaam, energiebesparende maatregelen (tochtweringen, isolatie, temperatuurhoogte enz.) door te voeren. Het doelmatig verwarmen en ventileren van kerkgebouwen is een specialisme dat gedegen vakkennis vereist. Daarom is het raadzaam hierover advies te vragen bij een warmtetechnisch adviseur.
LASTEN

Kosten pastoraat

Predikantstraktement
Verwezen wordt naar de brief d.d. 19 april 2006 van het Bureau Predikanten inzake de arbeidsvoorwaarden 2005 en 2006. Voor verdere informatie: www.pkn.nl/traktementen& pensioenen. Voor 2006 zijn de bedragen voor de omslag voor de Centrale kas voor de predikantstraktementen: bezettingsbijdrage € 26.460,—, vacaturebijdrage € 7.000,— en beschikbaarheidsbijdrage € 1.900,—. De pensioenpremie die ten laste van de gemeente komt, bedraagt voor 2006 € 7.960,—. Voor 2007 moet rekening worden gehouden met een stijging van deze bedragen.

Overgangsregeling
Naast een eventuele verhoging van onderdelen van het traktement voor 2007 dient wel rekening te worden gehouden met de tranche van maximaal € 1.000,— in verband met de overgangsregeling in het kader van de oude naar de huidige traktementsregeling.

De bijdragen van de gemeente aan de predikant
Voorts wordt verwezen naar de uitvoeringsbepalingen GRPT nummer 2006-B van het Bureau Predikanten.
Hierin staan bedragen vermeld met betrekking tot:
— het basistraktement en de inhoudingen daarop;
— tegemoetkoming premie ziektekostenverzekering;
— vergoeding voor representatiekosten;
— vergoeding voor afschrijving en onderhoud van tekstverwerkingsapparatuur;
— vergoeding voor afschrijving, onderhoud en gebruik van een werk- of studeerkamer;
— vergoeding voor kantoorbenodigdheden en overige bureaukosten;
— vergoeding voor aanschaf vakliteratuur en/of kosten bijscholing;
— vergoeding voor communicatiekosten;
— vergoeding voor vervoerskosten;
— vergoeding voor verhuiskosten; en
— verrekening van inkomsten uit nevenwerkzaamheden.

Vicarissen
Bij het begroten van de kosten wordt geadviseerd in voorkomende gevallen contact op te nemen met het Bureau Predikanten te Utrecht, tel. 030 - 88 016 61.
Verplichtingen en bijdragen betreffende andere organen
Quotum
Hoewel de Kleine synode daarover nog geen besluit genomen heeft, mag er van worden uitgegaan dat het huidige quotumpercentage van 4,6 pct. niet zal worden verhoogd. Wel zal rekening moeten worden gehouden met het voor- of nadelige gevolgen van de vastgestelde overgangsperiode van 5 jaar.
Salarissen en vergoedingen
Hiermee worden bedoeld de salarissen aan catecheten, pastorale medewerkers, kosters, organisten enz., inclusief de daarop betrekking hebbende sociale lasten en pensioenpremies.
Ten aanzien van de salarissen zal rekening moeten worden gehouden met een stijging van circa 1,5 pct. De premies sociale verzekeringswetten, en met name die voor de WW, en de pensioenpremies zullen voor 2007 lager uitvallen.
Overige lasten, w.o. kosten van beheer, rentelasten e.d
Bij de begroting van deze lasten wordt geadviseerd zo goed mogelijk rekening te houden met de kostenontwikkeling en met de specifiek voor de eigen gemeente geldende zaken.
BATEN

Baten onroerende zaken
Met betrekking tot de verhuur van gebouwen en zalen wordt geadviseerd om in het kader van het opstellen van de begroting 2007 nog eens na te gaan of de verhuurtarieven nog in overeenstemming zijn met de kostenontwikkeling. Enkele belangrijke factoren hierbij zijn de ontwikkeling in de energiekosten en de rentelasten op leningen of hypotheken in het kader van uitgevoerde restauraties e.d.

Verder wordt geadviseerd attent te zijn op de mogelijkheid jaarlijks de huren van huizen te verhogen. Per 1 juli 2006 bedroeg de gemiddelde verhoging 2,5 pct. Voor 2007 (per 1 juli) gelieve men met eenzelfde percentage rekening te houden.
Rente baten en dividenden
Voor het behalen van de hoogst mogelijke rente, ook voor het dagelijks opvraagbaar kasgeld, wordt aan de colleges van kerkrentmeesters geadviseerd contact op te nemen met de Stichting Kerkelijk Geldbeheer, postbus 147, 2800 AC Gouda, tel. 0182 - 588000.
Opbrengsten uit rechten, deelnemingen e.d.
Geattendeerd wordt op de mogelijkheid de pachten van de landerijen per 1 november te herzien. Informatie hierover kan verkregen worden bij het Kantoor der Kerkelijke Goederen, postbus 675, 3800 AR Amersfoort, tel. 033-4671014.

Wanneer een begraafplaats wordt geëxploiteerd, geldt dit advies ook voor de grafrechten en voor het verlenen van diensten.
Bijdragen gemeenteleden
Bij de raming van de vrijwillige bijdragen wordt geadviseerd zo reëel mogelijk te begroten, waarbij rekening moet worden gehouden met de financiële draagkracht van de gemeenteleden. Uit de opstelling van de begroting moet blijken waarvoor het geld nodig is, zodat gemeenteleden duidelijk wordt gemaakt waarom op hen een financieel beroep wordt gedaan. Dat betekent zoveel mogelijk openheid van zaken geven, zodat men kan weten hoe de financiële situatie in de gemeente is.

Het is van groot belang mee te doen met de actie Kerkbalans 2007 die het komende jaar gehouden wordt met als motto “Een kerk is van blijvende waarde”. Alle gewenste informatie over de geldwerving in de ruimste zin van het woord, is te verkrijgen op het Centraal Bureau van de VKB, postbus 176, 3300 AD Dordrecht, tel. 078 - 6393666.

Wanneer blijkt dat een begroting een tekort aangeeft, dan is het aan te bevelen dit in de oproep aan de gemeenten (dus in het algemeen in de Kerkbalansfolder) te laten zien. Daarbij moet worden aangegeven dat het tekort op de begroting alleen kan worden weggewerkt, wanneer iedereen van wie een financiële bijdrage wordt gevraagd, zijn bijdrage van vorig jaar met tenminste een bepaald percentage verhoogt. In dit verband wordt verwezen naar de tekst in de modelfolder voor de actie Kerkbalans 2007, die onlangs aan alle colleges van kerkrentmeesters is toegezonden.
MEERJARENPROGNOSE
Het is voor een goed plaatselijk beleid van belang een meerjarenprognose te maken. Daaruit blijkt o.a. hoe de verschillende begrotingsposten zich zullen ontwikkelen.
Daarbij moet onderscheid worden gemaakt tussen de verschillende begrotingsposten naar de mate van afhankelijkheid van conjunctuurbewegingen, van salarisontwikkeling en van eigen beïnvloeding. De indeling van lasten en baten kan uit de volgende categorieën bestaan:
— Aan de lastenkant: loonuitgaven, prijsgevoelige uitgaven, prijsongevoelige uitgaven en rente; de exploitatie van het kerkblad is daarbij afzonderlijk vermeld, al mag men die ook wel tot de prijsgevoelige uitgaven rekenen.
— Aan de batenkant: inkomsten levend geld en weer: prijsgevoelige en prijsongevoelige inkomsten, rente en kerkblad.

Die indeling is zo gekozen omdat op deze categorieën, juist in meerjarenperspectief, bepaalde algemene en allerwege bekend zijnde ‘economische wetmatigheden’ van toepassing zijn. Deze gegevens kunnen o.a. worden ontleend aan de Macro Economische Verkenning van het Centraal Plan Bureau (CBS) die jaarlijks medio september verschijnt. Daarin zijn gegevens te vinden betreffende:
1. loonuitgaven: overheid (incl. incidenteel en incl. sociale lasten werkgevers);
2. prijsgevoelige uitgaven/inkomsten: prijspeil particuliere consumptie;
3. kapitaalmarktrente.
Ik wil starten met VKB Academy.
Stichting Kerkelijk Geldbeheer
Kantoor der Kerkelijke Goederen
Van Ree accountants
U heeft geen Flash player geinstalleerd. Klik hier om deze te downloaden.
Van den Heuvel orgelbouw
© Copyright 2012 VKB - Webdesign: Wendrich Reclame - Realisatie: BLiS & Quercis