Vereniging voor Kerkrentmeesterlijk Beheer in de PKN (VKB)
Kerk C
Kerk B
Kerk ABCD
Login


Wachtwoord vergeten
Auto inloggen
Richtlijnen begroting 2010 voo...
Richtlijnen begroting 2010 voor de plaatselijke gemeenten
Geschreven door R.M. Belder   Datum: 31-8-2009


ALGEMEEN
Kosten voor eventueel nieuw beleid zijn wellicht door de gemeente zelf redelijk goed te begroten. Uit het beleidsplan zou dit zichtbaar moeten worden. Van groot belang is dat de colleges van kerkrentmeesters en de kerkenraden de gemeenteleden motiveren de financiële bijdragen voor het plaatselijk kerkenwerk niet de sluitpost van de gezinsbegroting te laten zijn, want ook de kerkelijke huishouding heeft te maken met een algemene kostenstijging, hoe gering die soms ook is. Een juiste benadering van de gemeenteleden door op verantwoorde wijze de plaatselijke geldwervingsactie te voeren, is van groot belang.

Tenslotte is met betrekking tot de begroting zeer aan te bevelen, veel openheid te betrachten naar de gemeenteleden en er op duidelijke en overzichtelijke wijze in het kerkblad over te publiceren. De gemeenteleden dienen goed geïnformeerd te worden voor welke zware opgave de beheerders staan om de gemeentelijke financiën op peil te houden.

Bij het opstellen van de begroting wordt geadviseerd met het volgende rekening te houden.
AANDACHTSPUNTEN
Algemeen prijspeil
Op basis van het prijsindexcijfer van juli 2009 kan gerekend worden met een prijsstijging van ongeveer 2 pct.

Kerkelijke gebouwen en overige gebouwde eigendommen
Met betrekking tot de kosten van het onderhoud moet rekening worden gehouden met een prijsstijging in 2010 van circa 2 pct. Voorts wordt geadviseerd, na te gaan of de reservering voor het periodiek onderhoud nog wel voldoende is. Bij een goede toepassing van dit systeem is het mogelijk een gelijkmatige verdeling van de kosten over verschillende jaren te bereiken.

Onderhoud en afschrijving
Het is raadzaam een goed onderhoudsplan te (laten) opstellen. Van belang is dit te doen voor de betreffende gebouwen afzonderlijk, met daaraan verbonden een kostenbegroting volgens het op dat moment geldende prijspeil. Dit onderhoud omvat bijvoorbeeld:
- jaarlijks klein onderhoud, kleine reparaties en controles, ook van het orgel (stemabonnement), kosten van inspectie e.d.;
- periodiek onderhoud, zoals schilderwerk van exterieur (om de 5 jaar) en interieur (om de 10 jaar);
- periodiek groot onderhoud, bijvoorbeeld vervanging van de centrale verwarmingsketel, grote reparaties aan dak of vloeren, vervanging van raamkozijnen (om de 15 jaar).

Rekening houdend met enkele aspecten van het onderhoudsplan, zoals hiervoor aangegeven, kan van de volgende afschrijvingspercentages worden uitgegaan:
- gebouwen ongeveer 1 à 2 pct. van de nieuwwaarde of bouwkosten;
- inventarissen en apparaten circa 15 à 20 pct. van de aanschaffingswaarde;
- computers e.d. ongeveer 25 à 33 1/3 pct. van de aanschaffingswaarde;
- centrale verwarming 10 à 15 pct. van de aanschaffingswaarde, tenzij deze opgenomen is in de kosten van het gebouw;
- orgels indien afzonderlijk gewaardeerd, circa 5 à 10 pct. van de aanschaffingswaarde na aftrek van eventuele subsidie.

Minimaal dient een bedrag te worden afgeschreven ter grootte van de jaarlijkse aflossing op de voor het object eventueel afgesloten lening.

Rijkssubsidieregelingen bij onderhoud en restauratie
Vanaf 2009 tot en met 2011 stromen kerkelijke gebouwen en kerkonderdelen/-objecten gefaseerd in in de regeling in het BRIM (Besluit Rijkssubsidiёring Instandhouding Monumenten). Onderhoudsplannen kunnen tussen 1 april tot 1 september worden ingediend en worden op volgorde van binnenkomst beoordeeld voor toewijzing van subsidie. Het is belangrijk direct na 1 april een instandhoudingsplan voor de subsidieaanvraag in te dienen.
In het BRIM gaat het om een 6-jarig uitvoeringsplan. Het plan moet gebaseerd zijn op het rapport van de bouwkundige inspectie en bestaat uit een beschrijving van de werkzaamheden en de beoogde resultaten, een meerjarenplan en een meerjarenbegroting. De subsidie kan rechtstreeks bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) worden aangevraagd.

Tenslotte verdient het aanbeveling te bezien of de verzekerde bedragen nog op peil zijn. In dit verband wordt gewezen op de indexpolissen die voor de verzekering van kerkelijke eigendommen toegepast worden.

Energieaankoop
Hoewel het op dit moment nog niet te overzien is hoe de energiekosten zich in 2010 zullen ontwikkelen, is het raadzaam met een stijging rekening te houden. Van betekenis is hierin de reductie op de Ecotax te betrekken (aanvragen richten tot Belastingdienst Noord, kantoor Emmen, Antwoordnummer 615, 7800 VE, 7800 VE Emmen, tel. 0591 – 68.03.45). Verder is het van groot belang er rekening mee te houden dat reducties mogelijk zijn in verband met gezamenlijke aankoop van energie. Nadere informatie hierover is te vinden op de website www.energievoorkerken.nl.

Gezien de hoogte van de energieprijzen blijft het raadzaam, energiebesparende maatregelen (tochtweringen, isolatie, temperatuurhoogte enz.) door te voeren. Het doelmatig verwarmen en ventileren van kerkgebouwen is een specialisme dat gedegen vakkennis vereist. Daarom is het raadzaam hierover advies te vragen bij een warmtetechnisch adviseur.
LASTEN
Kosten pastoraat

Predikantstraktement
Verwezen wordt naar de brief d.d. 25 maart 2009 waarbij de Uitvoeringsbepalingen 2009–B van het Bureau Predikanten gevoegd zijn met daarin genoemd de traktementsbedragen en vergoedingen zoals die per 1 april 2009 van toepassing zijn. Voor verdere informatie: www.pkn.nl/traktementenenpensioenen. In 2010 is er geen sprake van een verhoging van de traktementen. De tabellen van april 2009 blijven voor wat het basistraktement betreft dan ook actueel. Wel werkt de laatste stap in de verhoging van de eindejaarsuitkering met 2,9 pct.(van 5,4 naar 8,3 pct.) door in de bijdragen aan de centrale kas voor de predikantstraktementen. De ramingen voor 2010 zijn als volgt: de bezettingsbijdrage komt op € 31.980 per fulltime predikant, de vacaturebijdrage op € 7.950 per fulltime predikant, de beschikbaarheidsbijdrage per gemeente zonder predikant en zonder vacature komt op € 2.217 per gemeente.
De pensioenpremie van de gemeente wordt geraamd op € 10.000 per fulltime predikant.

Overgangsregeling
Naast een eventuele verhoging van onderdelen van het traktement voor 2010 dient wel rekening te worden gehouden met de tranche van maximaal € 1.000,-- in verband met de overgangsregeling in het kader van de oude naar de huidige traktementsregeling.

Vervallen reductie pensioenpremie
Op de pensioenpremie van de gemeente kon voor de jaren tot en met 2009 voor een aantal gemeenten een korting gegolden hebben in het kader van de overgangsmaatregel bij de invoering van de traktements- en pensioenregeling per 1 januari 2005. Met ingang van 2010 is deze reductieregeling niet meer van kracht.

De bijdragen van de gemeente aan de predikant
Voorts wordt verwezen naar de eerdergenoemde Uitvoeringsbepalingen 2009-B van het Bureau Predikanten. Hierin staan bedragen vermeld met betrekking tot:
- het basistraktement en de inhoudingen daarop;
- tegemoetkoming premie ziektekostenverzekering;
- vaste vergoeding voor kosten ambtsuitoefening;
- vergoeding van vervoerskosten;
- vergoeding van verhuiskosten;
- verrekening van inkomsten uit nevenwerkzaamheden.

Vicarissen
Bij het begroten van de kosten wordt geadviseerd in voorkomende gevallen contact op te nemen met het Bureau Predikanten te Utrecht, tel. 030 - 880 1661.

Kerkelijke medewerkers
Bij kerkelijke medewerkers is er geen verhoging van de salarisschalen per 1 april 2009, maar is er wel de in 2007 afgesproken verhoging van de eindejaarsuitkering die gefaseerd wordt ingevoerd. Voor 2010 wordt het percentage verhoogd van 5,4 naar 8,3 pct.
Verwacht wordt dat de pensioenpremies voor kerkelijke medewerkers niet gewijzigd zullen worden.

Verplichtingen en bijdragen betreffende andere organen
De Kleine synode besloot in het najaar 2008 de heffingsfactor voor het kerkrentmeesterlijk quotum met ingang van 1.1.2009 van 4,6 pct. te verlagen naar 4,45 pct. Hoewel het streven erop gericht is voor de komende jaren een verdere verlaging tot stand te brengen, is daar thans (augustus 2009) niets over bekend. Het advies is dus om voor 2010 van de heffingsfactor van 4,45 pct. uit te gaan. Wel zal rekening moeten worden gehouden met de voor- of nadelige gevolgen van de vastgestelde overgangsperiode van 10 jaar.
Op enig moment zal de Solidariteitsbijdrage van € 5 naar € 7,50 per belijdend lid gaan. Momenteel is nog niet bekend of dit al in 2010 zal zijn.

Overige lasten, w.o. kosten van beheer, rentelasten e.d
Bij de begroting van deze lasten wordt geadviseerd zo goed mogelijk rekening te houden met de kostenontwikkeling en met de specifiek voor de eigen gemeente geldende zaken.
BATEN
Baten onroerende zaken
Met betrekking tot de verhuur van gebouwen en zalen wordt geadviseerd om bij het opstellen van de begroting 2010 nog eens na te gaan of de verhuurtarieven nog in overeenstemming zijn met de kostenontwikkeling. Enkele belangrijke factoren hierbij zijn de ontwikkeling in de energiekosten en de rentelasten op leningen of hypotheken in het kader van uitgevoerde restauraties e.d.

Verder wordt geadviseerd attent te zijn op de mogelijkheid jaarlijks de huren van huizen te verhogen. Per 1 juli 2009 bedroeg de gemiddelde verhoging 2,5 pct. Voor 2010 (per 1 juli) gelieve men met eenzelfde percentage rekening te houden.

Rentebaten en dividenden
Voor het behalen van de hoogst mogelijke rente, ook voor het dagelijks opvraagbaar kasgeld, wordt aan de colleges van kerkrentmeesters geadviseerd contact op te nemen met de Stichting Kerkelijk Geldbeheer, postbus 147, 2800 AC Gouda, tel. 0182 - 58.80.00, info@skggouda.nl.

Opbrengsten uit rechten, deelnemingen e.d.
Geattendeerd wordt op de mogelijkheid de pachten van de landerijen per 1 november te herzien. Informatie hierover kan verkregen worden bij o.a. het Kantoor der Kerkelijke Goederen, postbus 675, 3800 AR Amersfoort, tel. 033-467 10 14.

Wanneer een begraafplaats wordt geëxploiteerd, geldt dit advies ook voor de grafrechten en voor het verlenen van diensten.

Bijdragen gemeenteleden
Bij de raming van de vrijwillige bijdragen wordt geadviseerd zo reëel mogelijk te begroten, waarbij rekening moet worden gehouden met de financiële draagkracht van de gemeenteleden. Uit de opstelling van de begroting moet blijken waarvoor het geld nodig is, zodat gemeenteleden duidelijk wordt gemaakt waarom op hen een financieel beroep wordt gedaan. Dat betekent: zoveel mogelijk openheid van zaken geven, zodat men kan weten hoe de financiële situatie in de gemeente is.

Het is van groot belang mee te doen met de actie Kerkbalans 2010 die in het komende jaar gehouden wordt met als motto "Een kerk is van blijvende waarde”. Alle gewenste informatie over de geldwerving in de ruimste zin van het woord, is te verkrijgen op het Centraal Bureau van de VKB, postbus 176, 3300 AD Dordrecht, tel. 078 - 639 36 66.

Wanneer blijkt dat een begroting een tekort aangeeft, dan is het aan te bevelen dit in de oproep aan de gemeenten, dus in de Kerkbalansfolder, te laten zien. Daarbij moet worden aangegeven dat het tekort op de begroting alleen kan worden weggewerkt, wanneer iedereen van wie een financiële bijdrage wordt gevraagd, zijn bijdrage van vorig jaar met tenminste een bepaald percentage verhoogt. In dit verband wordt verwezen naar de tekst in de modelfolder voor de actie Kerkbalans 2010, die begin augustus aan alle colleges van kerkrentmeesters is toegezonden.

MEERJARENPROGNOSE
Het is voor een goed plaatselijk beleid van belang een meerjarenprognose te maken. Daaruit blijkt o.a. hoe de verschillende begrotingsposten zich zullen ontwikkelen. Daarbij moet onderscheid worden gemaakt tussen de verschillende begrotingsposten naar de mate van afhankelijkheid van conjunctuurbewegingen, van salarisontwikkeling en van eigen beïnvloeding.

De indeling van lasten en baten kan uit de volgende categorieën bestaan:
- aan de lastenkant: loonuitgaven, prijsgevoelige uitgaven, prijsongevoelige uitgaven en rente; de exploitatie van het kerkblad is daarbij afzonderlijk vermeld, al mag men die ook wel tot de prijsgevoelige uitgaven rekenen;
- aan de batenkant: inkomsten levend geld en weer: prijsgevoelige en prijsongevoelige inkomsten, rente en kerkblad.

Die indeling is zo gekozen omdat op deze categorieën, juist in meerjarenperspectief, bepaalde algemeen bekende 'economische wetmatigheden' van toepassing zijn. Deze gegevens kunnen o.a. worden ontleend aan de Macro Economische Verkenning die jaarlijks medio september verschijnt. Daarin zijn gegevens te vinden betreffende:
1. loonuitgaven: overheid (incl. incidenteel en incl. sociale lasten werkgevers);
2. prijsgevoelige uitgaven/inkomsten: prijspeil particuliere consumptie;
3. kapitaalmarktrente.

Deze informatie is op de internet site van het CBS te vinden: www.cbs.nl.
Van den Heuvel orgelbouw
Kantoor der Kerkelijke Goederen
U heeft geen Flash player geinstalleerd. Klik hier om deze te downloaden.
Van Ree accountants
Stichting Kerkelijk Geldbeheer
© Copyright 2010 VKB - Webdesign: Wendrich Reclame - Realisatie: BLiS & Quercis