CIO en belastingdienst tekenen convenant over uitvoering ANBI-regeling voor kerkgenootschappen
Geschreven door Mr. J. Broekhuizen Datum: 15-12-2007
Op vrijdag 30 november jl. werd tijdens een vergadering
van het Interkerkelijk Contact in Overheidszaken (CIO) in
het stadhuis van Den Haag een convenant getekend door
de heer drs. W.J. Deetman, voorzitter CIO en de heer drs.
Th.W.M. Poolen, lid van het managementteam van de
Belastingdienst. In dit convenant is een aantal afspraken
en verduidelijkingen vastgelegd over toepassing en handhaving
van de ANBI-regeling voor kerkgenootschappen
en hun (zelfstandige) onderdelen.
Waar gaat het over?
Wie een gift, legaat of erfenis wil schenken, moet er
rekening mee houden dat de ontvanger daarover ca. 41 tot
68 pct. belasting moet betalen. Voor giften, legaten en
erfstellingen aan kerkelijke instellingen en andere
Algemeen Nut Beogende Instellingen (ANBI) gold jarenlang
een lager tarief van 11 pct. Sinds 1 januari 2006 betaalt men
als ANBI een nultarief. In februari 2007 werden de voorwaarden
gepubliceerd voor een nieuwe regeling. Deze
betreffen o.a. bestuurssamenstelling, besteding vermogen,
beleidsplanning en verantwoording. Deze nieuwe ANBIregeling
gaat in op 1 januari 2008: per die datum dient men
een ANBI-beschikking te hebben.
Het CIO hield de beoogde regeling tegen het licht en stelde
nadere vragen over de toepasbaarheid van de regeling op
de verschillende kerkgenootschappen in ons land. In een
brief van 22 augustus 2007 aan CIO kwam Staatssecretaris
van Financiën De Jager in belangrijke mate tegemoet aan
deze vragen. De staatssecretaris schrijft dat hij hoopt de
zorgen van de kerken weg te nemen. De ANBI-regeling
vormt voor de belastingdienst geen aanleiding om de
gehanteerde manier van toezicht op de kerkgenootschappen
te wijzigen. Over de verdere toepassing en handhaving
van deze regeling is overlegd tussen CIO en het Ministerie
van Financiën. De afspraken zijn nu vastgelegd in een
convenant. De belastingdienst sluit vaker zulke convenanten
in het kader van het horizontale toezicht.
Convenant
In het convenant is vastgelegd dat de kerkgenootschappen
en de belastingdienst over de toepassing van deze
ANBI-regeling zullen samenwerken op basis van wederzijds
vertrouwen, begrip en transparantie. Informatie zal
– binnen bepaalde kaders – worden uitgewisseld en
werkafspraken over de toepassing van deze regeling
zullen worden gemaakt. Rechtsvragen, uitvoeringsproblemen
en risicosignalen zullen door partijen worden
besproken.
Daarom zal twee maal per jaar overleg worden gevoerd
over de toepassing van deze regeling. Verder zijn
afspraken gemaakt over aanpassing en eventuele
opzegging van het convenant.
Voorwaarden
Alle kerkgenootschappen en zelfstandige onderdelen
daarvan (zoals gemeenten en diaconieën) moeten aan
een aantal voorwaarden voldoen om als ANBI te kunnen
worden aangemerkt. De belangrijkste voorwaarden zijn:
1. de instelling moet het algemeen belang dienen. In de
brief van de staatssecretaris wordt opgemerkt dat de
bij CIO aangesloten kerkgenootschappen zonder
meer het algemeen belang dienen in de zin van de
ANBI-regeling. “Daarover bestaat fiscaalrechtelijk
geen twijfel”.
2. de instelling heeft geen winstoogmerk. Dit is voor de kerken geen probleem omdat dit volgt uit het geheel
van ‘het statuut’ (de kerkorde) en de daarin vermelde
doelstellingen.
3. de instelling heeft een actueel beleidsplan. Deze eis riep
aanvankelijk vragen binnen CIO op. Onder een beleidsplan
wordt verstaan ‘een geschrift waarmee inzicht
wordt gegeven in de wijze waarop uitvoering zal
worden gegeven aan de doelstelling van de instelling’.
Bij een groepsbeschikking geldt dat dit ook een
geschrift mag zijn dat voor alle tot die groep behorende
instellingen geldt. Daarmee is de zorg grotendeels
weggenomen.
Verder kent de Protestantse Kerk in Nederland het
kerkordelijke voorschrift dat een gemeente een
beleidsplan dient te hebben (ord. 4-8-5). Ook bevat de
kerkorde relevante bepalingen en zijn er beleidsdocumenten
van de landelijke Kerk die inzicht bieden in
het beleid van de Kerk en de gemeenten.
4. Het beschikkingsmachtcriterium: dit betekent dat
individuele personen niet over het vermogen van een
instelling mogen kunnen beschikken alsof het hun
eigen vermogen is. Dit is in de kerkorde al vastgelegd.
5. Het bezoldigingsverbod: leden van het bestuur van
een ANBI-instelling mogen niet meer dan een onkostenvergoeding
of vacatiegeld ontvangen. Ook dit
levert in de kerken geen probleem op: kerkenraadsleden
en andere bestuursleden werken pro deo. Voor
alle duidelijkheid is vastgelegd dat deze bepaling niet
kan worden tegengeworpen aan een predikant die lid
is van de kerkenraad.
6. Het bestedingscriterium houdt in dat een instelling niet
meer vermogen aanhoudt dan redelijkerwijs nodig is
voor de continuïteit van het werk. Aan het ministerie is
uitgelegd dat gemeenten en diaconieën soms over –
vaak historisch verkregen – vermogens beschikken, waarvan de revenuen worden aangewend ten behoeve
van de doelstelling. De staatssecretaris zegde expliciet
toe dat het bestedingscriterium in deze gevallen geen
problemen zal opleveren: het is toegestaan in dergelijke
gevallen vermogen aan te houden.
7. Er dient een zodanige administratie te worden
gevoerd dat duidelijk is of en zo ja welke onkostenvergoedingen
er worden betaald, wat de kosten van
geldwerving, beheer zijn en (uiteraard) welke inkomsten
er zijn en de aard en omvang van het vermogen.
De meeste van deze criteria komen al voor in de
modellen voor begroting en jaarrekening.
Groepsbeschikking voor de Protestantse Kerk
Voor de Protestantse Kerk in Nederland betekent dat er
één groepsbeschikking is ontvangen voor het kerkgenootschap
en alle zelfstandige onderdelen. Dit zijn:
— de landelijke kerk
— de Evangelisch-Lutherse synode
— de dienstenorganisatie
— de Protestantse Theologische Universiteit
— de classes
— de gemeenten (protestant, protestant in wording
[=federatie], hervormd, gereformeerd, en evangelischluthers)
— de diaconieën van deze gemeenten.
In de plaatselijke gemeenten zijn er vaak allerlei commissies
en werkgroepen actief, zoals zendingscommissie,
evangelisatiecommissie, ZWO-werkgroep, Hervormde
Vrouwendienst. Het werk van deze commissies geschiedt
onder verantwoordelijkheid van de kerkenraad of van de
diaconie en behoort daarmee tot het kerkelijk werk van
de gemeente of de diaconie; daarmee vallen ook deze commissies en werkgroepen onder de groepsbeschikking
van de Protestantse Kerk in Nederland.
In het convenant is verder bepaald dat de kerken zelf
aangeven welke onderdelen tot hun kerkgenootschap
behoren. Om hierin inzicht te geven zijn twee exemplaren
van het jaarboek van de Protestantse Kerk aan de
heer Poolen van de belastingdienst overhandigd. Bij
vragen of twijfel kan de belastingdienst zich wenden tot
het Protestants Landelijk Dienstencentrum in Utrecht.
In het convenant is ook vastgelegd dat de kerkgenootschappen
zelf zullen letten op de juiste toepassing van
deze ANBI-regeling; ieder kerkgenootschap – ook de
Protestantse Kerk in Nederland – kent vormen van
verantwoording en toezicht.
Dit houdt in dat de kerkgenootschappen en hun (zelfstandige)
onderdelen ook medeverantwoordelijk zijn
voor de juiste toepassing van deze ANBI-regeling. Dit is
dus een aandachtspunt voor colleges van kerkrentmeesters,
colleges van diakenen en stichtingsbestuurders.
Uiteraard houdt de belastingdienst ook zelf de mogelijkheid
van toetsing of een onder de groepsbeschikking vallende
rechtspersoon aan de gestelde voorwaarden voldoet. Het is
dan ook mogelijk dat een dergelijke rechtspersoon ‘uit de
groepsbeschikking wordt verwijderd’.
Het resultaat van deze ANBI-groepsbeschikking is dat
giften en erfstellingen mogen worden ontvangen en
gegeven tegen het gunstige belastingtarief van nul
procent (0 pct.).
Instellingen die zich binnen de invloedssfeer bevinden
In het convenant is vastgelegd dat de werking van het
convenant zich ook uitstrekt tot organisaties die zich
bevinden binnen de invloedssfeer van een kerkgenootschap
(of zelfstandig onderdeel hiervan).
Dit kan blijken uit:
— de doelstelling (die het algemeen belang moet
dienen, zoals kerkenwerk);
— benoeming/voordracht bestuursleden; en/of
— financiële verantwoording; en/of
— bestemming liquidatiesaldo; en/of
— een kerkordelijk verband.
Wanneer dit het geval is kan deze rechtspersoon vallen
onder de groepsbeschikking van de Protestantse Kerk in
Nederland.
Bij de beantwoording van de vraag of een stichting of
vereniging hieronder kan vallen, is de opvatting van het
kerkgenootschap hierover leidend. Bij vragen of twijfel
zal de belastingdienst contact opnemen met het kerkgenootschap
of omgekeerd.
Als voorbeelden binnen de Protestantse Kerk in Nederland
kan worden gedacht aan:
— een evangelisatievereniging/stichting die een kerkordelijk
verband heeft met een plaatselijke gemeente
(kerkenraadscommissie-model);
— een wijkvereniging zoals die veelal in de grotere
stadsgemeenten bestaat;
— een stichting tot restauratie of ondersteuning van de
instandhouding van de dorps- of stadskerk;
— een stichting tot ondersteuning van de plaatselijke
kerkmuziek;
— een stichting waarin een historisch fonds of vermogen
is ondergebracht (vaak te vinden in historische steden,
maar soms ook in dorpen (weeshuisfondsen, diaconiefondsen;
— een stichting voor diaconaal werk en
— een (plaatselijke) stichting voor jeugdwerk.
In alle gevallen zal de instelling moeten voldoen aan de
bovengenoemde randvoorwaarden. Bij een kerkordelijk
verband kan gedacht worden aan de generale regeling
stichtingen.
Voor de vraag of een rechtspersoon die aan de genoemde
voorwaarden voldoet onder de groepsbeschikking van
de Protestantse Kerk in Nederland kan vallen, kan
contact worden opgenomen met de servicedesk van het
Protestants Landelijk Dienstencentrum, tel. 030 – 880
1880 of via email: anbi@pkn.nl. Er wordt dan aanvullende
informatie toegezonden waaruit de aanvrager kan
opmaken of zijn stichting/rechtspersoon hieronder kan
vallen. Vervolgens zal dit invulformulier met de statuten
dienen te worden toegezonden aan de afdeling juridische
zaken en synodesecretariaat. Uiteindelijk zal de
Protestantse Kerk in Nederland besluiten of een dergelijke
stichting of vereniging onder de aan deze kerk
verstrekte groepsbeschikking kan vallen. Het blijft
natuurlijk mogelijk om als stichting of vereniging zelf een
ANBI-beschikking aan te vragen bij de belastingdienst.
Besluit
De ANBI-regeling gaat in per 1 januari 2008. De groepsbeschikking
voor de Protestantse Kerk in Nederland en
haar onderdelen is ontvangen. Dit betekent o.m. dat de
jaarlijkse bijdragen aan de actie Kerkbalans 2008 met een
fiscaal gerust hart kunnen worden gegeven.
De heer Broekhuizen, die secretaris van CIO-K, is werkzaam
bij de afdeling juridische zaken en synodesecretariaat
van het Protestants Landelijk Dienstencentrum in
Utrecht.